Toekomstagenda: Maatschappelijke kracht van Welzijn ouderen
‘Iedereen wil oud worden, maar niemand wil oud zijn’, zei een bejaarde dame tegen me. Wanneer het ons overkomt dat we door verlies van gezondheid, dierbaren of inkomen niet langer zonder hulp ons leven kunnen organiseren, gaan er grote vragen spelen. Wie zorgt er voor ons? Hoe wordt het welzijn van de meest kwetsbaren onder ons gegarandeerd? En hoe kunnen we elkaar versterken? Welke hulp is er straks nodig? De noodzaak van passende professionele inzet is nog nooit zo groot geweest.
De complexiteit van het werk neemt toe. Multimorbiditeit en chronische aandoeningen komen steeds vaker voor. Er zijn enorme onderlinge verschillen tussen ouderen. De leeftijd waarop men zich ‘oudere’ voelt stijgt, maar varieert tegelijkertijd. Bovendien zijn er ook jongere mensen met een functiebeperking of chronische ziekte. De zorgkosten rijzen de pan uit, terwijl voor welzijn te weinig oog is. Welzijn ouderen beschikt over een integrale visie en ingrediënten voor de toekomst. Erkenning van de noodzaak tot vernieuwing, koersverandering en verdere professionalising van de kracht van welzijn ouderen zal niet voldoende zijn. Zonder investeringen bestaat het risico dat het kind (veertig jaar ervaring) met het badwater (welzijn als brede, onduidelijke, bekritiseerde werksoort) wordt weggegooid.
Afschrikken
Welzijn ouderen is van oudsher gericht op mensen. Hoe eenvoudig dat ook klinkt, het betekent wel iets. Welzijn is niet gericht op het belang van de eigen organisatie, winst of concurrentie. Als dat wel zo zou zijn, of als de overheid dat zou stimuleren, geeft dat niet alleen frictie in de doelstelling, maar zou het vrijwilligers ook afschrikken. Ook zou dat hulpvragers in twijfel brengen en netwerken doen uiteenvallen. De burger als hulpvrager of mantelzorger hoort centraal te staan. Bij welzijn ouderen is dat volgens mij altijd zo geweest. Of iemand nu problemen heeft, in beweging wil blijven, zijn sociale netwerk wil uitbreiden of de zorg voor zijn partner niet meer aankan. De focus ligt, ook van oudsher, op versterken, herstellen of compenseren van de zelfredzaamheid van mensen. Daartoe zijn er vele diensten, interventies en ontmoetingsmogelijkheden, die met elkaar te verbinden zijn.
Boodschappenbus
Zo kan een vrijwilliger van Tafeltje-dek-je een oudere wijzen op de mogelijkheid van de Boodschappenplusbus om weer zelf inkopen te kunnen doen, wetende dat deze dienst gericht is op het stimuleren van sociaal contact. Bij het welzijnswerk ontmoeten ouderen elkaar en wordt het ook opgemerkt als het minder goed gaat. Rechtstreeks of via verwijzers kan een cliënt-/ouderenadviseur worden ingeschakeld om te checken of er iets nodig is, een passend traject te starten en te informeren hoe het met mantelzorgers gaat. Zo kan het zijn dat de partner naar de Beweegwinkel (Leiden) wordt verwezen en de deelnemer naar de huisarts of de ouderenpoli. Ook mogelijk is dat de partner enkele dagdelen per week wordt ontlast door dagverzorging in te schakelen. Kinderen die ver weg wonen, komen weer in beeld als een oudere naar het computercafé gaat om met hulp van vrijwilligers te e-mailen.
Expertise
Recente ontwikkelingen binnen welzijn ouderen stellen de burger niet alleen centraal als hulpvrager of mantelzorger, maar ook als initiatiefnemer en zichzelf ontwikkelende vrijwilliger. Voorbeelden zijn te vinden binnen de projecten ‘actief ouder’ van het Oranje Fonds. De expertise in solidariteit van ouderen die iets voor anderen willen betekenen, is niet nieuw. Welzijn ouderen ontwikkelt zich met de hulp van fondsen, opdat zij nieuwe generaties ouderen met andere leefstijlen van dienst kan zijn.
Om welzijn van mensen te versterken, is maatwerk nodig. Dat begint met goed luisteren, kijken en doorvragen. Ook dat is niet nieuw. In de toekomst zal de expertise in het werken met cliënten, vrijwilligers en mantelzorgers nog sterker moeten worden gecombineerd met de expertise in het verbinden van mensen. De uitdaging is om meer te focussen op de kracht van netwerken. De mens staat centraal, maar nu met zijn of haar netwerk.
Zelfstandigheid
De sector werkt ook aan een meer ondersteunende dan organiserende houding van de professional. Hoe zelfstandig een groep senioren ook is, op iedere locatie worden groepsprocessen ondersteund en afspraken gemaakt. Ruimte, vertrouwen en verantwoordelijkheid geven is niet genoeg. Van professionals wordt veel gevraagd. Zelfstandigheid respecteren, versterken, herstellen of ondervangen is een vak. Ook vroegsignalering en onafhankelijk advies is een kunst. De wens om samen te werken met wijkbewoners – zelf vrijwilligers - en ouderenorganisaties is er, net als de wens om goed op de hoogte te zijn van het aanbod van alle partners op het gebied van welzijn, zorg, wonen, educatie, gezondheidsvoorlichting, financiële dienstverlening, eerstelijnszorg en meer. De lijst wordt steeds langer. Denk maar aan samenwerking met commerciële bedrijven (sponsoring, maatschappelijk ondernemen) en scholen (maatschappelijke stages). Daar bovenop zijn er steeds meer verzoeken van re-integratiebureaus voor vrijwilligerswerk voor hun klanten. Hiervoor krijgen welzijnsorganisaties overigens, net als voor maatschappelijke stages, nog geen begeleidingsuren vergoed.
Kwetsbaarheid
Gezond gedrag, maatschappelijke inzet, zelfredzaamheid, preventie van (dure) zorg of eenzaamheid wordt met succes, in samenwerking gestimuleerd. Er wordt opgespoord wat iemand nodig heeft en welke keuzemogelijkheden er zijn. Huisbezoeken door professionals en vrijwilligers, een bezoekdienst voor en door weduwen en weduwnaars, bewegingsaanbod, ondersteuning voor zilveren kracht, het is er allemaal. Niet als los zand, maar als onderdelen van iets groters. Een mooi uitgangspunt, gebouwd op degelijke fundamenten voor de meest kwetsbare ouderen, maar geschikt voor vernieuwing, uitbreiding, professionalisering en preventie van al te grote kwetsbaarheid.
Over de Toekomstagenda Sociaal Werk wordt verder gediscussieerd op het Welzijnsdebat op 14 oktober 2010. Wilt u meepraten? Mail dan naar zorgenwelzijn@reedbusiness.nl